Een stok met tjangkok wordt rechtop in de grond gestoken, waarop dan naar afspraak enkele elastiekjes per meespelend persoon in de tjankok geplaatst. Van een bepaalde afstand, gemarkeerd door een getrokken streep, moet je met een aan elkaar “geknoopt” aantal elastiekjes met een kort stukje ketting aan het eind, proberen zoveel mogelijk elastiekjes van de tjankok af te schieten. De “afgeschoten” elastiekjes mag je dan houden.
Een ander spelletje met elastiekjes is het “slentikken”. Hierbij moet je proberen met één van je vingers, meestal je wijs of middenvinger, een elastiekje gedeeltelijk over een ander elastiekje te slentikken. (te mikken).
Je moet wel duidelijk kunnen zien dat jouw elastiekje over die van de ander ligt, er moet een openingetje te zien zij tussen beide elastiekjes.
Is dit kiele - kiele, dus niet duidelijk waar te nemen, dan mocht je met komvormig gekromde hand achter je
elastiekje op de grond kloppen. Je mag je elastiekje beslist niet aanraken. Lukte het je om door de luchtverplaatsing je elastiekje toch net iets verder over de andere te krijgen, dan heb je alsnog gewonnen.
Om je elastiekje wat forser te krijgen, kon je deze enige tijd in petroleum weken, niet te lang daar deze dan poreus werd en makkelijk brak. Ook bewerkte je je elastiekje zodanig dat deze niet helemaal plat op de grond komt, waardoor je hem makkelijker over de andere heen kan slentikken.
Een andere variant, ingeval je elastiekje niet zodanig over de andere is gekomen dat er een opening zichtbaar is, dan mag de tegenspeler proberen zijn elastiekje alsnog over die van jou proberen te slentikken. Dit doe je dan door je elastiekje van de achterkant over de ander te slentikken.
Onder slentikken, wordt ook wel verstaan het met je wijs-, of middelvinger die je tegen je duim aangedrukt houdt, snel tegen iemands oor loslaten. Je kreeg als straf wel eens geslentikt of gedjitakt. (Duim op je hoofd, rest van de vingers in een vuist en dan een draai met je hand maken, ook wel een punt – komma geven genoemd)
Nog een variant: De spelers staan achter een getrokken streep en hebben elk een van te voren afgesproken aantal elastiekjes in de hand. Vervolgens gooien ze om de beurt een elastiekje voor zich uit op de grond. Dit gaat net zo lang door tot één van de spelers een elastiekje, net als hierboven, over een ander elastiekje weet te gooien. Hij of zij mag dan alle op de grond liggende elastiekjes houden.